Terug
Cultureel erfgoed3 november 2025

Wat zegt een stad over zijn bewoners?

Over toekomstvisies, Monocle-gidsen en de vraag of je een stad kunt ontwerpen.

In 2007 schreef ik over de toekomstvisie van Zeist. In 2008 over Amersfoort. Als adviseur bij de overheid hielp ik gemeenten nadenken over hun toekomst. Het waren eerlijke pogingen — participatietrajecten, burgerpanels, kleurrijke documenten met titels als "Samen naar 2030".

Bijna twintig jaar later vraag ik me af: wat is ervan terechtgekomen?

Ik blader door mijn Monocle-stadsgidsen — 37 steden, van Abu Dhabi tot Venetië. Wat opvalt: de steden die het best werken, zijn niet de steden met de mooiste visiedocumenten. Het zijn de steden waar iemand ooit een moeilijke keuze durfde te maken.

Parijs verbood auto's langs de Seine. Kopenhagen koos voor de fiets toen niemand dat deed. Barcelona veranderde hele wijken in superblocks. Geen van die keuzes was populair op het moment zelf.

In Nederland doen we iets anders. We polderen. We maken draagvlak. We schrijven visies waar niemand tegen kan zijn en die daardoor niets veranderen. De vraag "wat wil de burger?" klinkt democratisch, maar leidt zelden tot de stad die de burger nodig heeft.

Een stad is geen product van consensus. Een stad is het resultaat van honderd jaar keuzes — goede en slechte, moedige en laffe. De vraag is niet "wat zegt een stad over zijn bewoners?" maar "wat zeggen de keuzes die niet zijn gemaakt?"

De lege kavels, de uitgestelde tramlijnen, de bedrijventerreinen waar parken hadden moeten zijn — dát is het echte gezicht van een stad.