Terug
categories.opinion26 april 2026

De cabaretier wist het al: wat Merijn Scholten in het NRC ziet, is precies wat dit huis bouwt

Een NRC-interview met cabaretier Merijn Scholten over zijn nieuwe show Lemming bevat — zonder neurowetenschap of vakjargon — een van de scherpste publieke articulaties van wat wij Limbic Literacy noemen.

De cabaretier wist het al

Wat Merijn Scholten in het NRC ziet, is precies wat dit huis bouwt

In het NRC-weekend van 25 april 2026 staat een interview met cabaretier Merijn Scholten, ter gelegenheid van zijn nieuwe theatershow Lemming. Het is geen interview over technologie, niet over neurowetenschap, niet over economie. Het gaat over een man die graag in Artis naar de gerbils kijkt, die boeken over fascisme leest aan het ontbijt, en die zegt dat hij zich eenzaam voelt als hij door de stad loopt omdat mensen elkaar niet meer zien.

En toch is het een van de scherpste publieke articulaties van wat wij Limbic Literacy noemen die de afgelopen maanden in een Nederlandse krant is verschenen.

De diagnose, zonder vakjargon

Scholten beschrijft, gevraagd naar de toestand van de wereld, een verschuiving die hij in zijn eigen leven heeft meegemaakt. De jaren negentig waarin hij opgroeide noemt hij met terugwerkende kracht hedonistisch, een wegwerpmaatschappij waarin alles kon. Het fundament waarop hij is opgegroeid, van hoe we met elkaar omgaan, is volgens hem geërodeerd. Alles is gericht op geld afschrapen van mensen.

Vervolgens komt de passage waar het boek dat hier wordt geschreven over gaat. Scholten zegt dat de mobiele telefoon ervoor zorgt dat we in een specifiek voor onszelf gemaakt wereldje zitten, waarin we het gevoel hebben dat we in charge zijn, dat we erdoor worden vastgehouden en bevredigd, dat we dopamine aanmaken, maar dat we de kracht missen van wat het is om met elkaar ergens tegenin te gaan. Hij voelt het, zegt hij, op de pont in Amsterdam: in een gezonde situatie zou je instinctief weten op wie je kon rekenen als de pont zou zinken. Nu vermoedt hij dat mensen denken: ik kijk eerst nog effe dit filmpje af.

Geen neurowetenschap. Geen verwijzingen naar Tristan Harris of Anna Lembke. Maar de diagnose is identiek aan die van De Limbische Economie. Het limbische systeem wordt bespeeld, de kuddebescherming valt weg, het individu blijft achter met een dopaminesysteem dat het tegen de feed niet kan winnen.

Lanterfanten als verzetsdaad

Het scherpst wordt Scholten waar het interview op handelingsperspectief uitkomt. Hij pleit in zijn voorstelling voor meer lanterfanten. Doelloos rondhangen, een uurtje naar de apen kijken, ontdekken dat er bij een bepaald bankje een fijne sfeer hangt. Op de vraag of dat voor hem een daad van verzet is, weegt hij eerst, en zegt dan dat als je wil dat Mark Zuckerberg niet blij is, je moet gaan lanterfanten zonder telefoon. Een minimale verzetsdaad, noemt hij het zelf.

Dit is precies de derde laag die het boek beschrijft, na herkenning en begrip: structurele weerstand, niet door wilskracht alleen, maar door inrichting van leven en omgeving. Lanterfanten is geen mindfulness. Het is geen detox. Het is geen self-help-pilaar. Het is het bewuste handhaven van een capaciteit, het vermogen om niets te doen, die de aandachtseconomie systematisch ontmantelt omdat ze commercieel waardeloos is.

Scholten formuleert in een bijzin wat hoofdstuk na hoofdstuk in academische bronnen wordt onderbouwd: mensen vinden het lastig om iets te doen zonder doel, en de telefoon maakt het je bijna onmogelijk.

Snoep etende kinderen

Even verderop in het interview komt de tweede analyse die exact aansluit bij de structurele lijn van het boek. Scholten beschrijft hoe per stapje iedereen denkt dat het wel relaxed is om geen verantwoordelijkheid te hebben, en hoe dat eigenlijk is hoe een kind denkt: het liefst de hele tijd snoep eten en leuke dingen doen. Bedrijven, zegt hij, proberen snoep etende kinderen van ons te maken. Het vergt discipline om je daartegen te verweren, want het is veel relaxter om in de zon te zitten en iets níét te hoeven doen. Het voelt al snel suf of prekerig als je daartegenin gaat.

Dat is de infantiliseringsthese, in twee zinnen. En de schaamte die hij benoemt, het gevoel suf of prekerig te zijn, is precies het sociale mechanisme dat ervoor zorgt dat de paar mensen die de telefoon wel wegleggen geen norm kunnen worden. De gemeenschap die dat gedrag zou steunen, ontbreekt. De individuele weerstand vindt geen draagvlak. De industrie wint, niet door overmacht aan de scherm-kant, maar door de afwezigheid van tegenwicht aan de mensen-kant.

Schaarste boven aandacht

Het meest relevante moment voor wie een framework probeert te bouwen dat tegen de aandachtseconomie ingaat zonder er zelf onderdeel van te worden, zit verstopt in een passage over zijn eigen mediabeleid. Scholten laat zich weinig interviewen, en al helemaal niet over zijn privéleven. De zin waarmee hij dat motiveert is, in zijn nuchterheid, de programmaverklaring die deze hele onderneming onderschrijft: dat je aandacht kúnt krijgen, wil niet zeggen dat je die ook moet zoeken.

Hij vergelijkt het met geld. Dat je het kunt verdienen, betekent niet dat je het ook moet verdienen. Het is exact de onderscheiding die het verschil maakt tussen een framework dat aandacht commodificeert en een framework dat verbinding mogelijk maakt zonder die te kapen.

Wat dit betekent

De waarde van dit interview, voor het werk dat hier in opbouw is, ligt niet in bevestiging. Het ligt in iets anders. Het laat zien dat de analyse die De Limbische Economie via neurowetenschap, financiële cijfers en historische parallellen onderbouwt, ook bereikbaar is via niets meer dan oprechte zelfwaarneming. Een veertiger die niet meer is dan oplettend, die boeken leest en op de pont staat en bij de gerbils zit, komt op exact dezelfde diagnose uit als de literatuur.

Dat is goed nieuws. Het betekent dat het concept Limbic Literacy geen academische import is die aan een publiek moet worden uitgelegd, maar een naam voor iets wat mensen al voelen en niet kunnen benoemen. De taal ontbreekt, niet de waarneming.

Het werk van dit huis is om die taal te leveren. En daarna om de structuren te helpen bouwen die het lanterfanten van een minimale verzetsdaad maken tot wat het ooit was: een gewone manier van leven.


Het interview met Merijn Scholten verscheen op zaterdag 25 april 2026 in NRC Weekend, geschreven door Anne Dohmen, met fotografie van Lars van den Brink. Zijn theatershow Lemming gaat op 13 mei in première.